 |
Ze wist het zeker ze had het zich niet verbeeld. Langzaam sloeg ze het dekbed opzij en gleed uit bed, aandachtig luisterend of ze het geluid weer hoorde. De hele week was ze iedere nacht wakker geworden door gekraai, gevolgd door geschraap, buiten op het dak. Het maakte haar nerveus, maar ze sprak zichzelf hardop vermanend toe. "Nee, Lucia, dat kan helemaal niet, je leest teveel horrorverhalen, het is gewoon een kraai of iets dergelijks ". Horrorverhalen... Ja, ze las graag boeken over het sinistere, het donkere. Maar dat waren verhalen, dat was fantasie. Nog nooit had ze die wereld een serieuze plek gegeven in haar dagelijkse leven. Haar vriendin en collega, Miranda, deed dat wel. Die raakte er niet over uitgepraat. Zelfs niet als ze tijdens het winkelen even een kop koffie samen dronken. Dan ging het gesprek veelal over overleden familieleden en vrienden en over leven na de dood, of zoals Miranda altijd zei "het andere zijn ". Vooral sinds Patrick... Ze sloop naar het raam en deed langzaam het gordijn een stukje opzij, ze voelde zich toch wel erg onzeker. Voorzichtig gluurde ze naar buiten Niets te zien, natuurlijk niet! Het was een mooie nacht met een heldere maan en een overvolle sterrenhemel. Ze deed haar raam open en snoof de koude, frisse buitenlucht op. Terwijl ze het raam weer sloot, keek ze naar de tijd op haar wekker 03.02. Vreemd. Iedere nacht dat ze wakker werd van dat gekraai, was het om 03.00. Had dat dan toch wat te betekenen? Ze huiverde. Nee, die gedachte stond haar helemaal niet aan. Snel dook ze haar bed weer in, trok het dekbed tot bijna over haar hoofd en besloot alleen nog maar aan fijne dingen te denken. Ze zou het hier zeker niet met Miranda over hebben. Ze lachte even in zichzelf. Miranda zou met allerlei vreemdsoortige theorie n aan komen zetten en daar had ze echt geen belang bij. Er was vast een logische verklaring voor dit fenomeen, alleen welke dat wist zij nog niet. Maar daar wilde ze haar hoofd niet over breken, ze moest dit van zich af zetten. Ze deed de voordeur weer achter zich dicht en leunde er even tegenaan. Haar hoofd bonkte. Wat een dag. De kunstwerken waren niet geleverd vandaag, zoals was afgesproken, en Mireille, de eigenares van de gallerie, was behoorlijk pissed off; een van haar vaste uitspraken. Ze had gemeend dat Lucia ervoor verantwoordelijk was geweest en dus maar moest zorgen dat die stukken alsnog vandaag geleverd werden. Vraag niet hoe, maar het was haar nog gelukt ook, met de hulp van Miranda. Ze zouden ze desnoods zelf hebben gehaald, maar dat bleek niet nodig. Aan het eind van de middag waren de werken toch nog binnen gekomen. Ze verstijfde even, hing haar jas aan de kapstok en gooide haar tas achteloos naast de bank in haar woonkamer. Ze liep door naar de keuken en pakte een blik soep. Veel honger had ze niet meer. Ze staarde naar de soep in het pannetje en haar gedachten gleden weer naar Patrick. Jezus, een van die werken was van Patrick geweest. Een priv stuk hadden de jongens die het afleverden gezegd. Zijn ouders hadden het werk geschonken aan de gallerie. "Wegens de goede betrekkingen in het verleden " stond er op het kaartje dat aan het schilderij bevestigd was. Maar Mireille had hen toevertrouwd dat zijn moeder niet langer naar het schilderij kon kijken, ze gruwelde van de sfeer die het opriep. Lucia herkende inderdaad Patricks schilderstijl de onmiskenbare donkere lijnen, het mysterie waarin hij zijn werk altijd hulde. Ze had Patricks werk altijd al bewonderd, voelde zich meegezogen in zijn fantasiewereld en kon uren luisteren naar zijn verhalen als ze in hun stamcaf zaten. Ze draaide het gas uit en goot de soep in een kom. Ze voelde zich vreselijk eenzaam. Er was inmiddels een jaar voorbij, maar ze kon hem nog steeds niet uit haar hoofd zetten. Lucia liep naar de woonkamer, zette de t.v. aan, nestelde zich op de bank en begon haar soep te eten. Ze proefde niets, ze zag niets. Haar gedachten bleven bij Patrick. Als er iemand heilig van overtuigd was dat er een "zijn " na het leven was, dan wel hij. Lucia had altijd gemeend dat Miranda daarom een goede partij voor hem zou zijn, maar hij was alleen maar ge nteresseerd geweest in h r. Oh jawel, Miranda en hij waren goede vrienden, maar er waren nooit vonken tussen die twee geweest. Lucia zag zijn gezicht weer voor zich die groengrijze ogen met lange zwarte wimpers en volle zwarte wenkbrauwen hadden haar altijd doen smelten. Als die op haar gericht waren, kon ze alleen nog maar stamelen leek het wel. En als ze dan bloosde, had hij altijd even gegrijnsd. Nooit gemeen, maar alsof hij voelde wat zij voelde. Ze zuchtte. Nooit had ze zijn lippen aangeraakt of geproefd en daar had ze nu spijt van. Ze wist heel goed dat Patrick haar meer dan leuk vond, daarover was hij heel duidelijk geweest. Maar ze was bang geweest. Bang om weer dat verdriet te moeten voelen, bang om weer in de steek gelaten te worden. Zoals met Rob. Drie maanden voor hun huwelijk was ze er op een pijnlijke manier achter gekomen dat Rob al een half jaar vreemd ging. En zelfs nu kon ze nog niet geloven dat hij nooit van plan was geweest om het haar te vertellen. Rob vond dat een koppel ook het recht moest hebben om af en toe eens van smaak te veranderen, anders werd het leven saai. Dagenlang was ze er ziek van geweest. Ze geloofde in trouw en toewijding binnen een relatie, iets dat schijnbaar helemaal niet meer in deze tijd pastte. De telefoon ging. Ze zette de nog halfgevulde soepkom op tafel en nam op. "Hee lieverd, hoe voel je je? Je zit te piekeren h ? " Het was Miranda, die voelde altijd alles. Lucia zuchtte even. "Ach, je weet wel, er komt weer zoveel naar boven nu. " "Wil je dat ik even langskom? Even samen praten hierover? " Miranda was er altijd als je haar nodig had. Daarom waardeerde Lucia haar ook zo. Ze had haar door de ellendige periode na Rob heen gesleept. Maar ze had geen zin in gezelschap vanavond, dus zei ze tegen Miranda dat ze liever alleen was. Ze praatten nog even door over het verleden, over Rob en Patrick, en over het schilderij dat die middag was afgeleverd. "De kraai ", zo had Patrick het genoemd en onder in de hoek stond de tekst "voor altijd samen ". Een beetje sinister had ze het wel gevonden. Maar Miranda niet, die had uiteraard haar eigen interpretatie van de betekenis van die woorden. Ze was ervan overtuigd dat Patrick daarmee een boodschap had achtergelaten. Hij had waarschijnlijk zijn dood aan voelen komen. En immers, de theorie was dat een overledene na een jaar in de gedaante van een kraai kon terugkeren. Lucia huiverde. Een jaar later. Dat was deze week. Welke datum was het ook weer geweest dat Patrick stierf? Hemel, dat kon toch niet? Het besef bezorgde haar koude rillingen. Daar wilde ze niet in geloven, dat mocht ze niet serieus nemen. Ze wenste Miranda welterusten en hing op. Ze bracht de soepkom naar de keuken en ging terug naar de woonkamer. Een uur lang probeerde ze zich nog te concentreren op een t.v. programma, maar het mocht niet baten. Gelaten stond ze op, deed de t.v. en de verlichting uit en ging naar de badkamer. Ze keek zichzelf even aan in de spiegel. "Lucia van Zanten, ophouden nu, je maakt jezelf gek. " Ze draaide zich om en ging naar haar slaapkamer. Ze liep naar het raam en keek nog even naar buiten, en naar boven, voordat ze de gordijnen dichttrok. Daarna zette ze haar wekker en kroop onder het dekbed. Nadat ze zich minutenlang had ingeprent dat er niets aan de hand was, viel ze langzaam in slaap... Ze merkte niets meer, ze hoorde niets meer... Ze zag ook niet dat korte tijd later een kraai op haar dak neerstreek die zich, na een tijdje af en toe gekraaid te hebben, transformeerde in een andere gedaante een donkere, geheimzinnig uitziende man met een minzame grijns op zijn gezicht. Ze zag evenmin hoe hij zijn hand naar zijn lippen bracht en haar een kus toeblies... Browneyez 2007
|
 |