header top inlog
AnanasboomAccount:
ABCnaam:
Wachtwoord:

Registreer / Wachtwoord vergeten?
onder header
|Home|Volledige Verhalen|Open Verhalen|Gedichten|Drama|Verhaal Schrijven|Leden|Over Droomhaven|
links onder het menu Je bent hier: Droomhaven > Open Verhalen > Overig > Missing Pieces > Missing Pieces rechts onder het menu
onder
spacer spacer spacer spacer
content content content
Missing Pieces
content

Leden kunnen kunnen gratis hun naam @ droomhaven.nl registreren als e-mail adres.

Missing Pieces

Hoofdstuk 1, Missing Pieces door: Judith

b Missing pieces b
Helemaal alleen loop ik op het strand van Den Helder, hoe ver ik ook kijk, ik ben alleen. Heel mijn leven is het al zo geweest. Ik ben op de wereld gebracht door twee ouders. Ouders die mij net zo snel weggaven als ze me op de wereld hadden gezet. Ik kwam bij nieuwe ouders die mij ook niet wilden en dat lieten ze sterk merken. Ik werd geschopt, geslagen en getreiterd. Dat is alles wat ik me nog kan herinneren, maar ik mis stukken, stukken die mij kunnen vertellen wat er met mij gebeurd is. Er zitten vlekken in mijn geheugen, vlekken die juist heel mijn leven een andere wending kunnen geven. Misschien dat mijn hersenen ze daarom niet prijs willen geven, omdat ze denken dat ik die stukken geheugen niet aan kan. Er zijn vlekken op mijn lichaam, littekens van alles wat er met mij gedaan is, wat ik me alleen niet meer kan herinneren.
Mijn wangen zijn helemaal plakkerig van de tranen gemengd met de regen. Ik voel hoe de regen mijn tranen wegspoelt, net zoals mijn hersenen dat deden met stukjes van mijn geheugen.
Langzaam trek ik mijn schoenen uit en loop heel voorzichtig over het beregende zand. Ik moet weer denken aan de tijd dat het nog leuk was bij mij nieuwe ouders. Het was winter en we gingen naar het strand om schelpjes te zoeken, die ik altijd verzamelde.
In een flits komt er een herinnering voorbij.

i Ik zit thuis een tekening met lijm en zand te maken. Het geeft veel troep, waardoor mijn nieuwe vader boos wordt. Hij pakt mijn arm vast en sleurt me naar de kelder, waar hij mij dingen verplicht, die een echte vader niet doet. Ik moet me uitkleden. i

Verder kwam de herinnering niet. Een stekende hoofdpijn begint op te komen, ik ga in het zand zitten en graaf met mijn handen een beetje door het zand. Na een tijdje zo te hebben gezeten ontstaat er een gat. Zonder na te denken gooi ik mijn schoenen erin en begin ik het gat weer dicht te gooien. Er is niks meer van het gat te zien. Mijn schoenen zijn begraven onder het zand, netzo als mijn herinneringen begraven zijn tussen mijn gedachtes. Ik sta op en begin weer te lopen, denkend aan de dag dat ik hier met mijn nieuwe ouders was, ik had veel plezier en rende vrolijk rond. Dat was de laatste keer dat ik het naar mijn zin had, de laatste keer dat ik gelachen heb. Zonder na te denken loop ik de pier op.
Ik zie voor me hoe in de zomer kinderen hier met schepnetjes rondlopen en aan hun ouders laten zien wat ze allemaal gevangen hebben.
Ik voel me leeg vanbinnen, ik mis een stuk uit mijn hart dat moest bestaan uit liefde. Liefde, dat je een sterk gevoel moet geven, dat je overal doorheen sleurt, al heb je het nog zo moeilijk. Zonder liefde kun je onmogelijk een leven leiden.
Ik loop nog verder de pier op en merk dat er een einde is, maar toch loop ik door. Er is een einde aan de pier en een einde aan mijn leven. Nog één keer snuif ik de frisse lucht op en laat me langzaam van de pier afglijden. Ik voel het koude water, dat zich een weg probeert te banen langs mijn lichaam. Weer flitst er een herinnering voorbij.

i Ik ga met een koud mes langs mijn lichaam. Ik schrik, mijn vader komt mijn kamer binnen. Hij vraagt of ik met hem mee wil gaan naar de kelder. Snel duw ik het mes in mijn broekzak. In de kelder wil hij mijn kleren van mijn lijf afrukken. Ik pak het mes en houdt het bij zijn keel. Hij verstijft van schrik. Ik zeg dat hij op moet houden, dat ik hem anders neersteek. Hij rukt het mes uit mijn handen en gaat ermee over mijn buik. Ik voel het bloed stromen. i

De herinnering stopt. Ik lig in het koude water en laat me meesleuren. Ik ga kopje onder en voel dat mijn longen lucht nodig hebben en hoe mijn spieren verkrampen. Ik probeer nog naar boven te zwemmen, wat niet lukt. Ik verdrink. Ik heb mezelf verdronken op een plek waar ik de mooiste tijd van mijn leven heb gehad. Ergens in de verte zie ik een lichtpuntje. Ik voel me heel licht en het lijkt alsof ik naar het licht puntje word gedragen. Ik ben vrij. Vrij van het bestaan met ouders die mij niet willen. Vrij van mensen die mij pijnigen voor hun eigen plezier.
Iemand pakt mijn hand vast en geleidt mij de hemelpoort binnen. Dit is de plek waar ik me veilig voel. Ik voel me vrij, vrij met een vlekkenloos geheugen.

u Judith u

content
 
content
content content content content content

Rss feed :: HTML: Vision Design :: Scripting: Edoo :: XHTML 1.0 Transitional

© Edoo[Media & Entertainment] / Ananasboom 2005-2008